Alles is Fantasie


Mij vader is de koning van fantasieland en mijn moeder is de grootste fee van feeënland.
Ik ben hun kleine prinsesje en wij zijn heel gelukkig met elkaar.
Elke dag kijkt mijn vader over zijn rijk en overziet zijn volk.
Hij kijkt dan bedenkelijk en laat één van zijn lakeien komen, om het probleem, dat hij dan heeft gezien op te laten lossen.
Mijn moeder regeert vanuit het grote woud.
Daar leeft ze samen met haar zusters.
Eén keer per jaar komen mijn vader en moeder bij elkaar.
Dat is de dag dat alle sluiers tussen de twee werelden verdwijnen.
Ze zijn dan de hele dag samen.
Ze wandelen en praten veel, ze picknicken op het warme mos in de zon.
En tegen de avond als de schemer invalt, daalt de sluier langzaam neer en staan ze beiden weer in hun eigen wereld.
Mijn wereld is niet bij mijn vader en mijn moeder. Mijn wereld is in de zee.
Op de dag van mijn geboorte, werd het woud waar mijn moeder regeerde opgeschrikt door een zwerm boze vuurvliegjes.
Ze dreigden alles in brand te steken en mijn moeder deed er alles aan om de vuurvliegjes weer rustig te krijgen.
Dit lukte niet, want de leider van de vuurvliegjes wilde daar niets van weten.
Hij eiste dat ik, die net geboren was, zou worden overgedragen aan het water.
Mijn moeder was geschokt. Ze moest haar eigen kind opofferen om het woud te redden.
Ze vertrok met mij naar de zee. Deed daar haar rituelen en de Godin van de zee kwam tevoorschijn. Ze legde uit wat haar was overkomen en de Godin stak haar handen uit. Ik werd in haar handen gelegd en langzaam verdwenen we onder water. Natuurlijk was mijn moeder erg verdrietig en huilde veel. Haar ziel had geen rust.
Ze bedacht een list om de vuurvliegjes te verjagen. Dat lukte!  Uiteindelijk waren ze allemaal verdwenen. Nu konden ze geen schade meer aanrichten, omdat ze naar een ander deel van het grote woud waren vertrokken. Snel ging mijn moeder naar de zee. Deed daar weer haar rituelen en de Godin van de zee verscheen.
Ze legde weer uit wat er gebeurd was en de Godin begreep haar.
Maar nu was er een probleem.
Mijn benen waren mijn benen niet meer en mijn voeten waren mijn voeten niet meer.
Ik was inmiddels geen baby meer, maar een jonge vrouw, die naast de Godin van de zee haar leven leefde.
Opnieuw werd mijn moeder verdrietig. Tranen gleden over haar wangen naar beneden. Ze was haar kind voorgoed kwijt.
Maar de Godin van de zee had een oplossing.
Op de dag dat alle sluiers tussen de twee werelden verdwijnen, komen jullie samen hier naar toe.
Dan zorg ik dat jullie dochter hier ook is, zodat jullie dan met z’n drieën die dag met elkaar door kunnen brengen.
En zo is het ook gegaan. Op de langste dag van het jaar, als de sluiers verdwijnen zijn wij met z’n drieën in de zee.
Wij lachen en maken veel plezier. We picknicken op een grote rots in de zee en zijn heel gelukkig.
Zo gaat het nu nog altijd. Op de langste dag van het jaar komen we bij elkaar.
De dag dat alle sluiers verdwijnen en drie werelden elkaar ontmoeten!

 

© Jolanda Rhijnsburger.