De oude Elf


De oude elf,

 

Het kleine elfje, dat boven op de berg woonde zong elke morgen bij zonsopgang en elke avond bij zonsondergang, zodat de elfjes in het dal wisten wanneer ze wakker moesten worden en wanneer het bedtijd was.

De schrijfster heeft hier al eens eerder een verhaal over geschreven.

Dit elfje had dus een serieuze taak.

Ze was op de berg gaan wonen, zodat ze de zware klim niet elke dag hoefde te maken.

Ze was goed bevriend geraakt met de oude elf in het dorp, die net als haar, eerder wakker was dan de rest.

Op een dag kwam de oude elf naar de berg toe.

Hij keek naar boven en zag op de top van de berg een klein huisje staan. Daar woonde het kleine elfje.

Hij was er nog nooit geweest.

De kleine elf kwam altijd naar het dal toe voor kleine boodschapjes en bezocht hem vaak.

Ze spraken over van alles en hij vond het fijn om met iemand te praten, die hem begreep.

De oude elf was wijzer en bewuster dan de rest uit het dal. Hij werd dan ook wel “de Meester” genoemd door de bevolking.

De oude elf stond onder aan de berg. Hij had zijn tas meegenomen met daarin wat te drinken voor onderweg en wat kleding.

Hij wilde de laatste dagen, die hij nog had graag in goed gezelschap doorbrengen.

Ja, de oude elf voelde zijn einde naderen.

Hij keek nogmaals omhoog naar de klim die hij moest maken en hij zette zijn eerste stap.

Langzaam en stapje voor stapje klom hij de berg op.

Onderweg zag hij bloemenvelden van witte rozen en witte lelies.

Prachtig was het hier. De oude elf besloot even op een rotsblok te gaan zitten en overzag deze schoonheid.

Hij wist dat deze bloemen niet gezaaid waren. Nee, deze bloemen waren ontstaan door bloed en tranen.

Bij iedere druppel bloed, die op de grond viel ontstond een witte rozenstruik. En iedere traan die in het dorre zand viel ontpopte zich tot een prachtige witte lelie.

Deze bloemen waren afkomstig van de kleine elf, haar klim had ook zijn sporen achter gelaten.

Nadat de oude elf een beetje uitgerust was, ging hij verder met zijn klim.

Onderweg had hij een stok gevonden die hem hielp met zijn beklimming.

De zon werd feller en de oude elf begon moe te worden.

Zweetdruppeltjes liepen langs zijn oude gezicht en vielen op de grond.

Zijn huid was verbrand en zijn mond uitgedroogd.

Weer ging de oude elf op een rotsblok zitten.

Hij pakte uit zijn tas zijn kruik en slokje voor slokje dronk hij het water op.

De zon stond nu hoog aan de hemel en hij was nog niet eens halverwege.

De oude elf besloot om even te gaan liggen onder een oude boom. Sloot zijn ogen en viel in een diepe slaap.

Hij droomde dat hij de berg op klom en uit de zweetdruppeltjes die van zijn gezicht op de grond dropen, de prachtigste bloemen groeiden. Het was één kleurenpracht.

De wereld, deze berg, waar hij nu op liep, werd “de Bloemenberg” genoemd. Er ontstond een legende in het dal, waar hij en de kleine elf de bloemenmeesters waren van de berg.

Opeens schrok de oude elf wakker.

De zon was bijna onder en hij hoorde de kleine elf het avondlied al zingen.

Snel stond hij op hij was nog niet over de helft en het werd al bijna donker.

De oude elf liep de steile berg verder op.

Hij moest langs afgronden en over smalle paden.

Hij hoorde de nachtgeluiden langzaam vanuit de stilte opkomen en hij werd bang.

Steeds sneller begon de oude elf te lopen en hij moest zich vaak staande houden aan boom of rotsblok om maar niet te vallen.

Hij hoorde geluiden, die hij nog nooit eerder had gehoord en hij zag ogen die licht gaven en naar hem keken.

De oude elf begon nu te rennen.

Hij was bijna bij de top, hij hoefde nog maar een klein stukje. Tot hij viel!

De oude elf was zwaar vermoeid, zijn handen en voeten waren bebloed door de val.

Hij lag voorover op een rotsblok en hij huilde.

Dikke tranen van vermoeidheid vielen op de grond en hij voelde niet dat hij gedragen werd. Hij voelde niet dat hij gewassen werd. Hij voelde niet dat hij geslapen had. Tot hij opschrok van een prachtig geluid.

Een nachtegaal was zijn eerste gedachte, maar toen hij om zich heen keek, zag hij dat hij in het huisje van de kleine elf was.

Hij keek door het raam naar buiten en zag op een rotsblok de kleine elf staan.

Hij zong zo schoon, zo zuiver, zo magisch, dat de oude elf blij was, dat hij de berg had beklommen.

Hij had het gehaald, hij had de berg beklommen.

Hij was zichzelf tegen gekomen en hij had het verloren van de angst, maar hij had het in de ogen aangekeken.

Hij had doorgezet en was niet naar huis terug gevlucht.

Hij had de top bereikt!

Het enige wat hem nu nog kon inhalen was zijn eigen dood.

Maar hij wist dat die dag snel zou komen.

‘s Avonds luisterde hij nogmaals naar het prachtige gezang van de kleine elf.

Hij deed zijn ogen dicht en hij wist, dat hij tijdens dit lied zou sterven. Langzaam verdween de oude elf naar het witte licht, waar hij thuiskwam als meester van de bloemen. Op de berg groeiden nu niet alleen prachtige rozen en lelies, maar ook de kleurrijkste bloemen.

Waar zijn bloed en tranen vielen groeiden nu seringen en lavendel. Vanuit het hemelrijk verzorgde hij de berg en hij hoorde elke morgen en avond zijn kleine vriend zingen. Hij zag dat het gezang voeding was voor de berg en hij bleef even staan en luisterde……..

Een warme glimlach verscheen op zijn gezicht.

 

 

© Jolanda Rhijnsburger

 

 

 


Wilt u ook een reactie achter laten?

 Dan bent u van harte welkom in mijn gastenboek!

Commentaren: 1
  • #1

    Francia Van de Walle (dinsdag, 17 maart 2020 17:07)

    Dag Jolanda,
    Je schrijft heerlijke verhalen. Het is altijd een plezier om ze te lezen.
    Het is ook heel mooi, dat je nooit een oordeel velt. Je verwarmt hiermee het hart van heel veel mensen. Bedankt.