Het kind en het andere kind.


‘Mag jij ook naar huis?’ Vroeg een kind aan een ander kind.

Het andere kind keek het vragende kind aan en schudde zijn hoofd. ‘Ik mag nog niet naar huis, ik moet nog hier blijven.’  

‘Maar waarom moet je hier blijven?’ Vroeg het kind. ‘Omdat ik nog niet naar huis mag.’ Zei het andere kind. ‘Maar van wie mag je niet naar huis?’ Vroeg het kind.

Het andere kind antwoordde; ‘Ik mag nog niet naar huis van mijn moeder’

Het kind krabbelde eens achter zijn oren en zei; ‘Je mag van je moeder niet naar huis?’

Het andere kind knikte van ja.

‘Maar waarom mag je nog niet van je moeder naar huis?’ Vroeg het kind weer.

Het andere kind begon te huilen, ze zei; ‘Ik ben nog niet klaar.’ Het kind begreep er nu niets meer van.

‘Waar ben je nog niet klaar mee?’ Vroeg het kind.

Het andere kind keek het kind met grote ogen aan en antwoordde; ‘Met vragen stellen!’

Het kind kreeg een idee; ‘En als wij nu allebei geen vragen meer stellen?’

Het andere kind keek blij naar het kind en zei; ‘Je hebt net je laatste vraag gesteld.’

Lachend liepen ze hand in hand naar huis.

 

 

Geschreven door Jolanda Rhijnsburger.


 

 Wilt u ook een reactie achter laten?

Dan bent u van harte welkom in mijn gastenboek!

 

Commentaren: 0