Lessen voor de ziel
Zo nu en dan krijg ik teksten door die van Opgestegen Meesters zijn.
Zij willen iets duidelijk maken wat voor ons belangrijk is, voor onze eigen zielen-pad.
Een duidelijk andere energie, maar niet minder liefdevol.
Zij zijn echte leraren vanuit de Hemelse sferen en doen er alles aan, om ons verder op weg te helpen.
Geniet van de lessen van onvoorwaardelijke liefde.
Een meisje trekt haar nieuwe jas aan en praat met haar moeder over kinderen die ’s morgens alles alleen moeten doen. Haar moeder legt uit dat zelfstandigheid twee kanten heeft: het kan kracht geven, maar een gebrek aan liefde kan kinderen ook laten zoeken buiten zichzelf. Pas door loslaten en accepteren vinden zij rust en liefde in zichzelf. Het meisje hoopt dat elk kind die liefde mag ontvangen, terwijl de moeder beseft dat zij dat pad zelf ook heeft gekend.
Een klein meisje zat eenzaam en verdrietig tegen een muur, gevangen in haar zorgen en verdriet. Na een smeekbede viel ze in slaap en werd meegenomen naar een magische, vredige wereld van Elfjes en kaboutertjes. Daar sprak een wijze eik tot haar: laat los wat voorbij is, leef in het heden en volg je hart. Ze besefte dat deze wereld in haar zelf lag en stond daarna op, klaar om vol liefde en vrijheid haar leven te omarmen.
Een jongetje vindt de geschiedenisles saai en verlangt naar leren over het echte leven. Hij stelt voor om buiten te ontdekken: dieren, planten en natuur. De Meester stemt toe, en de kinderen ervaren een middag vol praktische lessen die veel boeiender zijn dan theorie. Vol enthousiasme keren ze terug naar school, maar de volgende dag grijpt de Meester weer naar het geschiedenisboek, ondanks hun nieuwe ontdekkingen.
‘Wat is er?’ vroeg het meisje aan zichzelf.
Het meisje haalde haar schoudertjes op.
‘Kom vertel me wat er is?’ vroeg ze weer aan zichzelf.
Het meisje begon zachtjes te huilen.
Tussen het snikken door zei ze: “Het is niet zo belangrijk, maar soms doet het pijn.”
‘Wat doet er pijn?” vroeg ze aan zichzelf.
“Het doet pijn, omdat mensen nare verhalen vertellen over mij die niet waar zijn.
Een vrouw zat op de bank en de tv stond aan.
Haar gezin zat naast haar en ze keken samen naar een leuk programma.
Ze lachten en hadden een gezellige avond met elkaar.
De vrouw kon heel even haar gedachten ergens anders op richten en ze was heel even dat zware gevoel kwijt.
Elke avond zag ze er tegenop om naar bed te gaan.
Dan gingen haar gedachten terug naar haar ouders die in één jaar tijd beiden zijn overleden. Hoe moest ze met zo’n groot verdriet omgaan?
Een vrouw ligt in haar bed.
Ze had nog even gelezen, maar nu had ze het licht uitgedaan en staarde naar het plafond.
Ze dacht aan haar moeder. Haar vader was al lang geleden overgegaan, maar haar moeder was niet in staat om de moeder dochter relatie te herstellen.
Van kleins af aan had haar moeder haar bekritiseerd en nu ze zelf een volwassen vrouw was, kwam ze erachter, dat hetgeen waar haar moeder kritiek op had, ze zelf had gedaan als jong meisje.
Een jonge vrouw voelt pijn en verdriet door een gebroken relatie met haar moeder. In een droom verschijnt een stralende, liefdevolle vrouw – de universele Moeder – die haar onvoorwaardelijke liefde toont. Via deze verbinding voelt de jonge vrouw liefde voor zichzelf en anderen. Ze beseft dat ze deze liefde kan doorgeven aan de wereld, en opent haar hart om te helen, te geven en te stralen.
Lang geleden leefde een stil meisje in een fantasiewereld vol liefde, elfjes en engeltjes, waar iedereen gelijk was en geluk heerste. Naarmate ze ouder werd en pijn ervoer in de echte wereld, verdween die magische wereld langzaam. Als volwassen vrouw verloor ze het contact met haar fantasie en haar hart. Tot ze opnieuw naar zichzelf leerde luisteren en de liefde in haar hart terugvond. Zo kwam de magie terug in haar leven, sterker en echter dan ooit tevoren.
Het is donker en aan de kant van de weg zit een man op zijn knieën.
Hij heeft zijn handen voor zijn gezicht geslagen en hij huilt.
Hij begrijpt de wereld niet meer, begrijpt de mensen niet meer en hij begrijpt zichzelf niet meer.
Hij is zo moe.
Altijd heeft hij maar moeten vechten.
Als klein jongetje was hij altijd zó bang.
Hij werd thuis door zijn broers en op school gepest.
Vaak verstopte hij zich, waardoor hij nog meer in de problemen kwam.
Zijn ouders hadden het te druk.