Een met alles.


 

‘Lieverd kom je ook zo uit bed? Het is bijna acht uur.

Ik moet over een uur op die afspraak wezen.’

Een jongeman ligt in zijn bed.

Zijn bed is nog lekker warm en hij wil er eigenlijk nog niet uit.

‘Nog heel even.’ Zegt hij tegen zijn haar.

‘Oké, nog vijf minuten en dan moet je er echt uit komen.’

De man draaide zich glimlachend om en dook nog verder weg onder zijn warme dekbed.

Hij deed zijn ogen dicht en hij voelde zich langzaam wegglijden, de diepe duisternis in.

Hij was zich bewust van wat er zich afspeelde. Hij was niet wakker maar slapen deed hij ook niet.

Hij lag nu stil in de duisternis en hij kon niet meer terug naar de wakkere wereld.

Hij probeerde van alles maar de duisternis hield hem daar waar hij was.

Hij wilde gaan schreeuwen maar er kwam geen geluid uit zijn mond.

De jonge man werd bang en hij huilde zachtjes. Hij gaf zich over aan deze zwarte wereld.

Na een tijdje werd hij rustig en hij bleef zo stil liggen.

Het voelde zeer vredig en het was allemaal niet zo erg als hij in eerste instantie dacht.

Het voelde eigenlijk heel erg fijn.

Steeds meer ontspande de jongeman zich, hij bemerkte dat zijn gedachten steeds minder werden.

Zijn bewustzijn werd één met deze duisternis en de jongeman ontspande zich nog meer.

Hij lag nu heerlijk in deze zwarte wereld en hij was stil.

Zijn gedachten waren stil, zijn bewustzijn was één met de ruimte waarin hij lag en zijn lichaam was vol met energie.

Hij voelde zijn handen, benen en hoofd tintelen.

Grote golven heerlijke energie stroomden van zijn tenen tot aan zijn kruin.

Zo heeft hij uren gelegen, genietend van het niets.

Alles wat hij leerde in dit niets, was het loslaten van gedachten.

Daarna kwam de bewustwording van deze immense energie waarmee hij verbonden was.

Het één zijn met alles en met het niets.

De jonge man lag te genieten. De warmte van deze liefdevolle energie bleef maar door hem heen stromen.

Hij was in zaligheid gehuld.

Opeens werd hij uit deze wereld van niets weggetrokken, zo zijn lichaam weer in.

Zijn lichaam voelde raar en verstikkend en zo klein.

Hij voelde dat die grote mooie eenheid allemaal in zijn lichaam geperst zat.

Hij zat vol, hij zat overvol en wilde graag weer uit zijn lichaam treden.

Hij deed zijn ogen weer dicht maar er gebeurde niets.

Hij miste “de zwarte niets wereld” nu al.

Een groot verlangen kwam in hem naar boven.

Een verlangen om ten alle tijden één te zijn met alles.

En een warme stroom van energie ging door zijn lichaam.

Hij opende zijn ogen en zijn vrouw zat op de rand van hun bed.

‘Heb je heerlijk geslapen schat?’ Vroeg ze lief.

De jongeman ging rechtop zitten en lachte blij, waarop hij haar stevig omhelsde.

‘Ik zal altijd met jou en met de rest van de wereld één zijn.’

De vrouw keek hem in zijn betraande ogen aan, gaf hem een kus op zijn voorhoofd en zei; ’Je was er altijd al, maar je was je er nog niet bewust van. Welkom thuis schat!’

En liefelijk kroop ze tegen hem aan. Beiden vielen in slaap het “één zijn” tegemoet.

 

© Jolanda Rhijnsburger 

 

 

 

 

 

 

 


Wilt u ook een reactie achter laten?

Dan bent u van harte welkom in mijn gastenboek!

 

 


Commentaren: 0