*** Wereld van Gisteren ***

Een klein meisje zat eenzaam tegen een muur aangeleund.

Ze was verdrietig.

Haar hele leven had ze moeten vechten.

Nee, voor spelen had ze geen tijd.

Het meisje zat met haar rug tegen de muur en huilde zachtjes.

Dikke tranen gleden over haar betraande gezichtje naar beneden.

“Waarom is mijn leven zo moeilijk en dat van andere kinderen niet?”

Na deze vraag ging ze nog harder huilen en zag ze niet dat het muurtje waartegen ze aangeleund zat, veranderde in een diepe put.

Toen ze eindelijk uitgehuild was, schrok ze ontzettend.

“Hoe ben ik hierin terechtgekomen?”

Het meisje probeerde omhoog te klimmen.

Maar ze viel steeds weer naar beneden.

Moedeloos werd ze ervan.

Ze huilde en schreeuwde tegelijk en probeerde het elke keer opnieuw.

En elke keer als ze naar beneden viel, werd de put een beetje dieper.

Op een dag klom ze weer naar boven.

Ze was bijna uit de put, maar toen verloor ze haar concentratie en viel met een harde klap terug op de grond.

Het meisje voelde zich machteloos.

Ze huilde dikke tranen en wist zich geen raad.

Ze lag op haar rug en keek naar dat ene kleine lichtstipje boven haar.

Daar was de vrijheid.

Nog harder ging het meisje huilen en met gierende uithalen riep ze naar het licht:

“Please, please, I need a miracle!”

Nadat ze dit had gezegd, viel ze in een diepe slaap.

Ze werd meegenomen naar een plek niet ver bij haar vandaan.

Een wereld waar de Elfjes en kaboutertjes wonen.

Het was hier zo vredig.

De zon scheen helder, de kleuren waren prachtig en de wind rook zoet naar bloeiende bloemen.

Het meisje lag tegen een oude wijze eik aangeleund.

Ze keek naar boven en zag de zon door de bladeren heen schijnen.

Het was zo vredig hier.

Hier voelde ze geen pijn, verdriet, angst of eenzaamheid.

Nee, al deze emoties had ze achtergelaten in de put.

Het meisje dacht erover na.

“Wat vreemd.

Ik heb mijn zorgen achtergelaten en zonder al die zorgen ben ik hier, in deze prachtige wereld.”

De oude eik begon met haar bladeren te ritselen.

Het meisje keek op en hoorde de boom zeggen:

“Jouw zorgen zijn ook jouw denken.

Hier spreekt jouw hart.”

Het meisje begreep er niets van en keek de oude boom vragend aan.

“Jouw denken zorgt ervoor dat je vasthoudt aan gebeurtenissen die al zijn geweest.

Dat is verleden tijd.

Dat is voorbij.

Daar kun je niets meer aan veranderen.

Elke dag is een nieuwe dag en alles wat gisteren is geweest, laat je los.

Ja, ik weet het, soms moet je dingen regelen.

Maar als je ze niet direct kunt oplossen, laat ze dan rusten en ga verder met je leven.

Blijf niet hangen in problemen van gisteren.”

Het meisje had met verwondering naar de wijze eik geluisterd.

“Is dat zo simpel?”

“Ja.

Als je dit inzicht voelt en begrijpt, kun je leven zoals hier.”

De oude eik bewoog haar takken.

“Kijk om je heen.

Hier spreekt je hart.

Dit is jouw wereld zonder zorgen.

Dit ben jij.”

“En ik?” vroeg het meisje.

“Ik ben jouw innerlijke Gids die jou nu uit de put haalt”, zei de oude eik.

Het meisje begreep dat alles wat ze hier zag, een deel van haarzelf was.

Dit liefdevolle wereldje was zij gewoon zelf.

Deze wereld lag in haar hart.

Ze bedankte de wijze eik en omhelsde haar.

“Tot snel”, zei de eik.

En het meisje werd wakker.

Ze zat niet meer in de put, maar lag tegen een muurtje aan.

Ze stond meteen op en stapte eroverheen.

Ze leefde niet meer in de wereld van gisteren.

Nee, ze leefde nu in de wereld van haar hart, met de wijze eik als Gids.