~ ♥ Langzaam weer verder ♥ ~

Binnen ons gezin praten we veel, en dat doen we nog steeds.

Ik denk dat dat misschien wel het belangrijkste is wanneer je samen zoiets traumatisch meemaakt.

Mijn dochter is autistisch en rouwt op haar eigen manier.

Ik vind het fijn om te schrijven over wat ik meemaak en waar ik doorheen ga in dit rouwproces.
Ronald vindt rust in muziek.

Hij schrijft liedjes en zet daar muziek onder.

Zo zijn er liedjes ontstaan die we samen luisteren.

 

Van de huisarts had ik ook medicijnen gekregen om in slaap te kunnen vallen.

De avonden waren nog steeds onrustig.

Zodra je in bed ligt, komen de beelden terug.
De schreeuw die gehoord is… en dan dat ene moment.

Het blijft zich opdringen.

Het is moeilijk om het uit je systeem te krijgen.

Tegelijk weet ik dat je er ook niet helemaal in moet willen verdwijnen.

Het is te zwaar, te traumatisch.

De pilletjes helpen, maar ik had meteen besloten dat ze alleen voor de ergste nachten zijn.

 

In die eerste periode kwam er ook een angst naar boven dat anderen om mij heen misschien ook zouden wegvallen.

Soms verstopte ik de medicijnen en als ik even weg moest, reed ik snel naar huis.

De gedachte dat Demi of Ronald zo’n stap zouden zetten maakte me onrustig.

Ik wist dat die angst uit het trauma voortkwam en gaf mezelf de tijd.

Inmiddels zijn die angsten verdwenen, maar in die eerste maanden waren ze er zeker.

 

Wat mij in die periode wel hielp, was het gevoel dat alles als vanzelf op zijn plek viel.

Het schrijven met Jesse, het kopen van de notitieboekjes, het inspreken van de verhalen en het langzaam uitwerken ervan.

Zo kwam zijn reis stap voor stap naar voren en kreeg die een plek op mijn website.

Nog steeds laat ik me leiden.

Er komen telkens nieuwe inzichten over wat ik kan doen of wat ik moet doen.

Ze zijn me niet vergeten en hun hulp en liefde is overal te voelen.

En misschien is dat wel één van de grootste lessen in deze periode: dat zelfs in de diepste rouw iets nieuws kan ontstaan.

Het is nu ruim negen maanden geleden.
12 maart was mijn verjaardag, maar ook precies een jaar geleden dat ik Jesse voor het laatst had gezien.

Ik had verwacht dat het een moeilijke dag zou zijn, vol verdriet en gemis, maar herinneringen kunnen ook mooi zijn en het gaf me juist een gevoel van dankbaarheid dat we die hebben.

Ik heb een prachtige dag gehad, ondanks het gemis dat er altijd is.

Vorig jaar, op mijn verjaardag, was dus de laatste keer dat ik hem zag.
Voordat hij wegging, sloot hij mij in zijn sterke, getatoeëerde armen en drukte mij even tegen zich aan.

Het voelde zo fijn, juist omdat hij dat al een lange tijd niet meer had gedaan.

We spraken nog even over de zomer.
Hij zou dan een weekje onze kant opkomen en als afsluiting zouden we met z’n allen naar Leiden gaan voor het jaarlijkse familie-uitje.

Dat familie-uitje kreeg uiteindelijk een hele andere betekenis.

 

Ik denk ook terug aan de kerstperiode.

Voor die tijd had ik me voorgenomen om kerst toch door te laten gaan, want ik heb nog een dochter en zij is een jaar ouder dan Jesse.

Zij houdt van tradities, dus er moest een echte kerstboom komen dit jaar.
Demi had de gerechten al uitgezocht die we samen zouden maken.

Maar hoe dichter we bij kerst kwamen, hoe moeilijker het werd.

Ik had vaak gehoord dat juist de feestdagen zwaar zijn, maar nu maakte ik het zelf mee.

De echte klap kwam begin december.

In de maanden na Jesse’s overlijden was ik vooral verslagen en verdrietig, maar het schrijven hield me op de been. Ik ben ook weer gaan werken en heb met hele lieve mensen gesproken, voor wie ik zelfs verhalen heb geschreven.

Ik had het gevoel dat ik het, onder alles, best goed deed en probeerde het leven weer een beetje op te pakken.

Samen met Demi ben ik nog een paar dagen naar Drenthe geweest, naar mijn ouders voor een familiebezoek.

Wel merkte ik dat autorijden moeilijker ging, dat ik sneller moe werd en me na een half uur al minder goed kon concentreren, waardoor ik dat ook bewust ben gaan beperken.

Hooguit even naar de dichtstbijzijnde supermarkt en weer terug.

Maar begin december… toen kwam de man met de hamer.

Ik denk dat ik nog nooit zoveel heb gehuild.

Het was niet eens alleen dat ik Jesse zo miste, want ik sprak hem nog steeds, elke dag.

Het zat dieper.
Het zat in mijn systeem.

Er was iets in mij dat gezien wilde worden.

Daarom heb ik ook alle contacten even stilgelegd en ben ik helemaal teruggegaan in mijn eigen wereldje.

Gewoon even niets.

 

 

Kerst kwam eraan.

Een echte boom werd niet gehaald, maar de oude kunstboom werd van boven gehaald en opgezet, omdat dat nu eenmaal zo hoorde. We hebben hem versierd, maar zonder kerstgevoel.

Hij stond er… omdat het zo hoorde.

Demi werd ziek en lag met koorts op bed, terwijl wij ons zelf ook niet goed voelden.

Alles voelde zwaar en leeg tegelijk.

Het eten dat we voor kerst in huis hadden gehaald, bleef in de vriezer liggen en we pakten alleen iets wanneer we echt honger hadden, zonder er verder bij stil te staan.

Tweede kerstdag waren we er klaar mee.

We hebben de mooie ballen uit de boom gehaald, omdat die nog van Ronald zijn moeder waren, en daarna hebben we vuilniszakken gepakt en de boom in drie delen bij het grofvuil gezet.

Voor ons hoefde kerst niet meer.
Geen slingers aan de muur.
Geen verplicht gevoel van gezelligheid.

En hoe gek het ook klinkt… het luchtte op.

Alsof we even stopten met doen wat hoorde, en weer gingen voelen wat er echt was.

We hadden geprobeerd vast te houden aan een traditie, iets normaals in een tijd die allesbehalve normaal voelde.

Maar soms zit je zo diep in je rouw, dat je niet mee kunt bewegen met wat de wereld van je verwacht.

En dat voelde goed.