~ ♥ Overprikkeling en de wereld van nu ♥ ~

Dat Jesse hoogbegaafd was, was voor ons nooit iets waar wij bewust mee bezig waren.
Het hoorde bij hem, maar het bepaalde niet hoe wij naar hem keken.

Wat ik wél begreep, waren de momenten waarop hij vol zat.
De migraineaanvallen en de overprikkeling herkende ik uit mijn eigen jeugd.

Als jong meisje had ik datzelfde ervaren en daardoor kon ik hem daarin beter begrijpen.

Tegelijkertijd leek Jesse zich goed aan te passen aan zijn leeftijdsgenoten.
Hij kon meebewegen, aansluiting vinden en leek zijn plek te kennen binnen zijn omgeving.

Nu, negen maanden na zijn overlijden, vraagt hij mij om in zijn leven te kruipen.
Om te voelen hoe zijn leven voor hem is geweest.
Hoe hij heeft moeten omgaan met prikkels, emoties en alles wat er in hem speelde.

Daarom ben ik gaan zoeken naar informatie over hoogbegaafdheid.

Niet omdat ik denk dat ik het toen anders had moeten doen.
Het heeft geen zin om met de kennis van nu terug te kijken naar wat beter had gekund.

Maar wel om te begrijpen.
Om te zien of ik dingen herken in Jesse en om te ontdekken of er overeenkomsten zijn met hoe ik mij als kind voelde.

Ik was zelf geen hoogbegaafd kind, maar wel een gevoelig kind dat veel aanvoelde.

Veel kinderen en jongeren die vandaag gediagnosticeerd worden en zo gevoelig zijn, lijken anders afgestemd dan eerdere generaties.

Hun bewustzijn lijkt anders te werken.
Ze voelen meer, denken anders en reageren sterker op onrecht en onechtheid.

Als ouders kijken we soms naar hen en begrijpen we niet altijd wat er gebeurt.

De wereld waarin zij opgroeien is ook anders dan die van eerdere generaties.

Instagram.
TikTok.
Facebook.

Een eindeloze stroom van beelden, verwachtingen en vergelijkingen.

Sociale media is voor jongeren geen aanvulling op het leven, het is een deel van hun leefwereld geworden.

Waar vroeger een boek werd gelezen, leren jongeren nu via schermen.
Hun brein ontvangt dagelijks duizenden indrukken.

Zoveel informatie dat er nauwelijks ruimte overblijft voor rust.

Jesse merkte dat zelf ook.

Hij vertelde mij eens dat hij slechter sliep wanneer hij lang voor het slapengaan op sociale media zat.
Hij keek filmpje na filmpje, alsof hij er niet mee kon stoppen.

Het laatste beeld bleef in zijn hoofd hangen wanneer hij zijn telefoon neerlegde.

En toch ging hij de volgende dag weer verder, moe, maar toch doorgaan.

 

Jongeren van nu worden voortdurend geconfronteerd met beelden van hoe het leven zou moeten zijn.

Perfecte lichamen.
Succes.
Status.
Geluk.

Ze voelen een enorme prestatiedruk en hebben het gevoel dat ze niet anders mogen zijn dan de rest.

Langzaam raken velen verwijderd van zichzelf.

Steeds meer jongeren worstelen met somberheid, zelfbeschadiging of burn-outklachten op jonge leeftijd.

Voor sommigen lijkt er nauwelijks nog een wereld te bestaan buiten sociale media.

Relaties beginnen soms niet meer met echte nieuwsgierigheid naar de mens achter iemand, maar met snelle beoordelingen:

Hoe zie je eruit?
Waar woon je?
Wat verdien je?

Jesse leed hier zichtbaar onder.

Hij zei eens tegen mij:
“Mam, het eerste wat meisjes vragen is wat voor werk ik doe en of ik een eigen huis heb.

Soms zelfs wat ik verdien. Als je daarop niet het juiste antwoord geeft, haken ze af.”

Hij voelde dat veel draaide om status.

Wat ik met dit verhaal wil zeggen is dit:

Veel kinderen die wij vandaag zien worstelen, zijn niet zwakker dan eerdere generaties.
Zij kunnen de hoeveelheid prikkels eenvoudigweg niet meer verwerken.

De maatschappij is al complex genoeg, maar sociale media verandert het zelfbeeld van kinderen al op jonge leeftijd.

Veel jongeren dragen een bewustzijn dat diep en gevoelig is, maar leven in een omgeving die voortdurend snelheid, vergelijking en prestatie vraagt.

Misschien ligt daar een deel van de kern.

Niet dat deze kinderen niet passen in de wereld, maar dat de wereld nog moet leren passen bij hen.

Misschien zijn juist deze jongeren de mensen die onze samenleving uiteindelijk helpen veranderen.

Naar een wereld die zachter, menselijker en echter wordt.