*** Een familie ***

Een man keek uit het raam en overdacht zijn leven.

Zijn jeugd, het moment dat hij zijn ouderlijk huis verliet, zijn verliefdheden, de vrouw met wie hij trouwde, zijn prachtige kinderen en het feit dat ze het nu goed hadden en hij zich geen zorgen meer om hen hoefde te maken.

Nu was hij alleen nog met zijn vrouw en hij hield nog net zoveel van haar als op de dag dat hij haar voor het eerst ontmoette.

De man voor het raam kreeg een glimlach op zijn gezicht.

Hij dacht aan zijn ouders, die al jaren geleden waren overgegaan.

Eigenlijk wist hij zo weinig over hen.

Zelfs zijn broers en zusters konden hem weinig over hen vertellen.

Wie was hij nu eigenlijk?

Wat was zijn voorgeschiedenis?

De man voor het raam overdacht al deze gedachten.

Hoe kon hij zichzelf, zijn kinderen en zijn kleinkinderen laten weten wie hij werkelijk was?

Waar hij vandaan kwam?

Wie zijn ouders en grootouders waren?

De man voor het raam kreeg een idee.

Hij zou op zoek gaan.

Terug in de tijd om zijn eigen familielijn uit te pluizen.

Misschien zou hij dan ook antwoorden krijgen over zichzelf.

De man voor het raam keek tevreden.

Over een tijdje zou hij zichzelf, zijn kinderen en zijn kleinkinderen kunnen vertellen wie hij was.

En misschien kon hij hun ook antwoorden aanreiken over wie zij waren.

Eén grote familie!