De reis was begonnen. In grote formatie zwommen ze zij aan zij.
Sanne zwom naast de walvis, want mocht ze te moe worden, dan zou ze altijd nog op haar rug kunnen klimmen.
Alba vloog en keek vanuit de lucht naar een prachtige voorstelling. De walvissen, Waterengelen en dolfijnen zwommen in één grote groep naast elkaar.
Zo nu en dan zag hij een dolfijn van plezier uit het water omhoog springen.
Ook de Waterengelen hadden plezier.
Ze sprongen hoog de lucht in en vlogen een stukje, om dan weer terug het water in te duiken.
In de verte zag hij dat de zee van kleur veranderde.
Het water had hier een diepblauwe kleur en even verderop was het water zo helder, dat je vanuit de lucht tot op de bodem van de zee kon kijken.
“Nog een klein stukje!” riep een walvis en de Waterengelen begonnen te juichen: “We zijn er bijna!”
Na enkele minuten zwommen ze het heldere warme water binnen.
Dit water voelde nog warmer aan dan het water waar ze zojuist vandaan kwamen.
De Waterengelen stopten direct met zwemmen en gingen op hun rug liggen om te kunnen genieten van het warme water.
Ook de walvissen en dolfijnen lagen nu stil in het water te dobberen.
Alba vloog naar beneden en ging naast Sanne zwemmen. “Wat zijn ze nu aan het doen?” vroeg Alba aan haar.
“Ik weet het niet Alba, het lijkt wel of ze slapen.”
De walvis die naast hen in het water lag zei op fluistertoon: “Wij zijn in de stilte.
We denken niet en zijn één met het water waarin we liggen. We bereiden ons voor op de reis naar de bodem van de zee.
Probeer het ook maar eens om niet te denken, er zal dan een golf van rust door je heen stromen.
Dan ben je de zee, dan ben je één met ons, één met alles.” Alba en Sanne keken elkaar glimlachend aan en gingen meteen op hun rug liggen.
Ze sloten hun ogen en spreidden hun armen en vleugels. Die gekke Alba, Sanne moest zo om hem lachen.
Hij wilde alles te graag en deed dat dan met hart en ziel. Sanne lag heerlijk in het water.
Ze voelde de warmte van de zee en de zon tegelijk.
Ze zuchtte eens diep.
Opeens waren al haar gedachten stil en luisterde ze naar het klotsen van het water en de geluiden van de walvissen. Het werd stiller en stiller binnenin Sanne.
Af en toe schrok ze even, omdat er een gedachte in haar hoofd naar boven kwam.
Maar die gedachte liet ze snel voorbijgaan om daarna weer stil te worden. Ze voelde geen afscheiding.
Ze was één met de zee, en ze was één geworden met de walvissen, de dolfijnen en de Waterengelen.
Ze was de bodem van de zee, de lucht, de zon en een warme golfenergie ging door haar heen.
Ze zuchtte nog eens diep, wat als vanzelf ging en opeens was ze onder water.
De stilte bleef en samen met de groep verdween ze onder water. In formatie zwommen ze naar de bodem van de zee. Hier was het nog niet zo diep.
Ze zagen koraalriffen in allerlei kleuren en zwommen door ondergrondse grotten met ondergrondse meren.
Ze kwamen op prachtige plekken, waar nog nooit iemand was geweest.
De reis duurde niet lang. Het leek een voorproefje van waar ze de komende dagen zouden vertoeven.
De formatie zwom weer naar de oppervlakte en ze begonnen allemaal te juichen en te joelen.
De stilte was verbroken en het plezier was enorm.
De Waterengelen vlogen de lucht in en doken weer naar beneden.
De dolfijnen sprongen van plezier over elkaar heen en de walvissen spoten liters water de lucht in.
Sanne en Alba keken vol vreugde naar de groep.
“Dit was zo mooi”, zei ze zacht tegen Alba.
“Wat vond jij ervan?” vroeg ze, terwijl ze haar nieuwe vriend aankeek.
Alba lag naast haar in het water en huilde zachtjes. Sanne vroeg hem bezorgd: “Wat is er mijn vriend, vond je het niet fijn onder water?”
Alba keek haar aan. “Ik heb nog nooit zoiets moois gezien”, zei hij zacht.
“Ik zie altijd alles vanuit de lucht.
Voor mij was de zee één grote plas water, waar ik mijn eten uit haalde.
Maar nu ik hier ben, zie ik de zee met heel andere ogen. Het is een prachtige plek om in te wonen.”
Sanne was het met Alba eens, het was inderdaad een heerlijke plek om in te wonen.
“Kom laten we naar de Waterengelen toe zwemmen, dan gaan we het vieren.”
Ze sloten zich bij de Waterengelen aan en waren zo blij. Eén van de Waterengelen kwam naar hen toe gezwommen.
“Vonden jullie het ook zo fijn?” vroeg hij.
Volmondig zeiden beiden ja.
“Wij Waterengelen zien dit elk jaar, maar de kleintjes onder ons hebben dit net als jullie nooit eerder meegemaakt.
We bereiden hen voor op de stilte en zodra het volle maan is, gaan we terug naar die serene stilte.
Van daaruit ben je niet in gedachten, maar gaan er nieuwe werelden voor je open.
Nu we met zo’n grote groep zijn, is het een wonder dat wij met zijn allen tegelijk in die stilte kunnen zijn.
Mijn complimenten voor jullie, het is zo mooi om te zien hoe een groep één kan zijn, en ook hoe jullie hierin meegetrokken worden.”
Hij keek Sanne en Alba blij aan.
“We gaan nog vele reizen maken, en we gaan ook naar een plek waar de paringsrituelen zullen beginnen. Daarna zullen we ons terugtrekken van de groep en nieuw leven zal ontstaan.
Het zal even duren voordat dat nieuwe leven geboren zal worden, maar de weg door het kanaal geeft de ruimte om het te laten groeien.
Zodra we in het meer zijn, zal het nieuwe leven geboren worden. Daar is het een smeltkroes van nieuw leven, maar dan zijn we allang niet meer bij de dolfijnen en de walvissen.
Die laten we al achter ons, voordat we het kanaal in zwemmen.
Maar ook zij zullen hier hun paringsritueel opvoeren. Nog twee volle manen en dan maken we ons weer klaar om te vertrekken, maar zover is het nog lang niet.
Geniet met zijn tweeën van de zee, wanneer de anderen druk zijn met hun voortplantingsritueel.
Duik onder water, kijk naar die wereld.
Het is daar zo mooi.
De grote reizen maken we samen.”
“Wanneer gaan we een grote reis maken?” vroeg Alba nieuwsgierig. De Water-Engel keek hem lachend aan. “Over een paar dagen.
We gaan eerst even wennen aan deze plek en zwemmen morgen iets verder, naar het gedeelte waar het water nog warmer is.
We zwemmen elke dag iets verder, totdat we op de plek zijn waar de rituelen gehouden worden.
Daar blijven we een aantal weken en er zal dan niet gereisd worden. Maar jullie mogen zelf onder water gaan kijken. Ook daar zijn de prachtigste koralen en dieren die heel vriendelijk zijn.
Je kunt zelfs met ze praten. Maak nieuwe vrienden.
De zeepaardjes zijn het allervriendelijkst.
De haai, die zo nu en dan eens langskomt, omdat hij nieuwsgierig is, is een oude brompot, maar hij zal je niets doen.
Daarna gaan we de wat koudere wateren opzoeken, totdat er een dag komt dat de walvissen en dolfijnen een andere kant op zwemmen en wij het kanaal verwelkomen.
Dan is het tijd dat het leven wat in ons groeit in alle rust verder kan groeien.
Het kanaal is rustig, heeft bijna geen stroming en is niet zo lang. Een ideale plek om rustig bij te komen van de reis op zee.”
Sanne en Alba hadden met aandacht geluisterd.
Ze waren nog niet in staat om te praten.
De Water-Engel lachte naar hen en zwom terug naar de groep die nog steeds plezier aan het maken was.
Sanne keek Alba blij aan.
“Ze gaan paren en ze krijgen straks kleine Baby-Water-Engeltjes, hoe leuk is dat…!”
Alba keek Sanne verheugd aan.
“Ja”, zei hij blij, “ik heb nog nooit kleine Baby-Water-Engeltjes gezien! We gaan nog veel met elkaar optrekken als ik het zo hoor”, zei hij lachend.
Sanne lachte nu ook.
“We zullen ons zeker niet vervelen. Kom, laten we naar de groep teruggaan.”
Alba en Sanne zwommen naar de grote groep en speelden met de Waterengelen en de dolfijnen.
Ze doken vanaf de rug van de walvis de diepte in, om tenslotte weer terug te komen aan de oppervlakte.
De volgende dag zwommen ze weer een stukje verder, de warmte van het water was voelbaar.
Hoe verder ze zwommen des te warmer het water werd. De grote groep zwom in formatie, met dit keer de walvissen voorop en daarachter de dolfijnen.
Als laatste zwommen de Waterengelen die de formatie sloten. Sanne en Alba zaten op de rug van een walvis.
De grote afstanden waren te ver om in één keer te zwemmen vonden ze, en daarom mochten ze meereizen op de rug van de walvis.
Het was een mooie reis.
Ze zagen de vissen onder zich door zwemmen.
Het water was hier nu nog helderder en ze konden de bodem van de zee onder zich zien.
Dit was heel bijzonder, want de zee was hier toch veel dieper. Na een aantal uren volop doorgezwommen te hebben, hield de groep stil.
Een mooie plek om even uit te rusten, vonden ze.
Sanne en Alba doken in het water en keken naar de bodem van de zee.
Ze zagen rotsen en heel veel stenen.
Zo nu en dan fonkelde er één.
Wat was dat? Het leek wel een edelsteen.
Snel zwommen ze weer naar boven.
Ze klampten zich aan de eerste de beste Water-Engel vast en vroegen haar: “We zien een steen op de bodem en die fonkelt. Is dat misschien een edelsteen?”
De Water-Engel keek hun nieuwsgierig aan, dook onder water en kwam terug met de steen.
Ze hield een prachtig kristal in haar handen vast.
“Bedoel je deze steen?” vroeg ze lachend aan de twee. “Ja”, zei Sanne en ze keek de Water-Engel nieuwsgierig aan. “Dit is een prachtig kristal.
Ze geeft aan dat wij haar wereld binnen mogen komen. Vanaf nu zullen wij de wateren van de kristallen binnengaan. Deze wereld is zo ontzettend mooi.
Je kunt met de kristallen communiceren.”
Waarop ze even met de steen sprak.
“Ze zegt dat jullie welkom zijn en dat jullie heel veel plezier zullen hebben in haar wereld”, zei ze en keek Sanne en Alba lieflijk aan.
“Ik zal haar nu voorzichtig terugbrengen.”
De Water-Engel dook weer naar beneden.
Nadat ze weer boven was gekomen zei ze lachend: “Dit is een heel andere wereld dan jullie kennen.
Ik weet heel erg zeker dat het jullie mooiste tijd zal zijn, hier in deze Waterwereld.”
Ze streelde Sanne even over haar natte haar en kietelde Alba onder zijn kin. “Geniet van deze tijd.
Jullie zullen iets gaan zien en beleven wat nog niemand buiten onze groep mee heeft mogen maken.
Jullie beleven het verhaal en de schrijfster van het verhaal reist met jullie mee om er een verslag van te maken, zodat deze ene uitzondering voor altijd op schrift komt te staan.”
De Water-Engel glimlachte en zwom terug naar haar groep.
Sanne en Alba waren verbluft. “Wat zei ze nu?
Is er iemand die met ons meekijkt en al onze gedachten en avonturen opschrijft?
Hé! Jij daar, jij die nu alles opschrijft….
Waarom doe je dat?” De vrouw die elk woord
tot zich kreeg antwoordde: “Ik ben het Jolanda en ik schrijf over jullie, omdat ik deze woorden tot mij krijg.
Ik weet van tevoren niet waar jullie naartoe gaan of wat jullie zullen beleven.
Ik ben net als jullie mee op reis.
Ik zie en voel alles, alsof ik er echt bij ben.
Ik schrijf alles op wat jullie meemaken, ik bén een beetje jullie.” Alba keek Sanne aan.
“Wat vreemd, maar dan zitten we in een wereld opgesloten en kunnen dus alleen gehoord worden door Jolanda de schrijfster.
Als zij niet schrijft zal er niemand van ons bestaan afweten en komen we er niet meer uit.
Niet dat dit nu zo erg is, het is hier heerlijk, maar ze weet de woorden op te schrijven die ik nu tegen jou zeg.”
En Alba keek Sanne bevreemd aan.
Sanne bleef muisstil.
“Misschien is het juist wel goed dat ze ons verhaal opschrijft. Wij zijn de enigen die deze prachtige Waterwereld samen met de dolfijnen en walvissen mogen ontdekken.
Het is toch fijn dat lezers dit ook mogen weten?
Iets wat zo mooi is en maar eenmalig bezocht mag worden door een klein meisje en een Albatros is toch een wonder?
Dan is het toch ook een wonder dat Jolanda met ons meereist in haar woorden?
Weet je wat wij doen?” en terwijl ze dit zei keek ze Alba vol trots aan. “Wij gaan verslag doen van alles wat wij zien, horen en voelen.
Wij gaan Jolanda de woorden geven, zodat het verhaal wat ze nu over ons schrijft nog veel mooier gaat worden. We zullen haar de werelden in geuren en kleuren laten beleven en gaan ook stiekem kijken naar het paringsritueel.
Dan heeft iedereen die dit leest het gevoel alsof zij of hij er echt bij is.”
Alba was blij. “Wat geweldig dat alles woord voor woord opgeschreven gaat worden.
We zijn niet langer met zijn tweeën, maar Jolanda reist met ons mee. Sanne en Alba omhelsden elkaar.
“Kom mee, we gaan voor prachtige avonturen zorgen!” Ze zwommen terug naar de groep, waar ze speelden met de kleine Water-Engeltjes.
Na ruim een uur kwam de groep weer in beweging en Sanne en Alba klommen snel op de rug van de walvis.
De groep zwom verder.
“Zou Jolanda nu ook met ons meereizen?
Zou ze er nog zijn?” vroeg Sanne zich af.
“We kunnen het haar vragen”, antwoordde Alba. “Jolanda? Reis je nu met ons mee?”
Jolanda antwoordde: “Ja Alba, ik reis ook nu met jullie mee. Alles wat ik zie, hoor en voel, schrijf ik op.
Jullie boffen maar met zo’n prachtige reis.
Geniet nu maar lekker, ik ben altijd bij jullie.”
Sanne en Alba genoten van de reis.
Ze zagen dat de zee verschillende kleuren kreeg.
De bodem was nu veranderd in een prachtig kleurenspektakel dat volgens één van de Waterengelen uit allemaal edelstenen bestond.
Na een aantal uren stopte de groep.
Ze waren op de plaats van bestemming aangekomen.
Het water hier was nog warmer en de kleuren van de zee waren onbeschrijflijk mooi.
Overal hing een serene sfeer.
Sanne en Alba waren er stil van.
“Wat is het hier mooi”, zei Alba zacht.
“Heb je de kleuren van de zee gezien?”
Sanne knikte en keek Alba met betraande ogen aan.
“Dit is prachtig”, lachte ze door haar tranen heen.
Overal waar ze keek zag ze verschillende kleuren.
De bodem van de zee was bezaaid met kristallen, amethist, rozenkwarts en andere prachtige mineralen. Door de zon, die zo diep door het heldere water heen scheen, fonkelden de stenen.
Het was een schitterend lichtspel.
Een Water-Engel kwam naar hen toe gezwommen.
“Fijn is het hier hè!” zei ze zachtjes.
“In deze wateren zullen we een poosje verblijven.
We zijn hier naartoe gekomen om te paren.
De energie van de kristallen en mineralen is hier zo hoog, dat je er wel verliefd op moet worden.
Je zal het zelf ook gaan voelen. Alles is hier sereen.
Deze wereld is van grootse schoonheid en zal je naar een hoger bewustzijn brengen.
Je kunt met ieder dier dat hier zwemt of rondkruipt communiceren. Je mag de stenen aanraken en ze vertellen je dan een verhaaltje.
Kleine lesjes die nog geleerd mogen worden.
Of ze houden je voor de gek en maken grapjes.
In ieder geval, jullie zijn van harte welkom om deze wereld te ontdekken en haar te leren kennen.
Maak vrienden! Ze zijn het zeer zeker waard om als vriend te hebben.”
De zon ging al bijna onder en de Water-Engel keek naar de horizon.
“Laten we gaan slapen, het is morgen een belangrijke dag. We gaan dan onze eerste lange onderwaterreis maken. Als we daarvan terugkomen, zal een aantal uit onze groep zich gaan voorbereiden op de paringsrituelen.
De andere groep zal samen met jullie nieuwe onderwaterreizen gaan maken.
Ga nu maar snel slapen. Jullie zullen al je kracht nodig hebben voor de reis van morgen.”
Sanne en Alba keken elkaar blij aan.
“We gaan op reis”, fluisterde Alba zacht.
“Wat zullen we allemaal zien daar op de bodem van de zee?” Sanne haalde haar schouders op.
“Ik weet het niet, maar ben wel heel nieuwsgierig geworden.
Kom laten we ons snel bij de groep aansluiten, voordat het straks donker is.”
Samen zwommen ze naar de walvis die al op hen zat te wachten. “Klim snel op mijn rug. We gaan nu slapen en morgenochtend vroeg weer op, want morgen gaan we op reis.”
Sanne en Alba kropen dicht tegen elkaar aan.
De Waterengelen neurieden al en zachtjes deden Sanne en Alba met hen mee en vielen langzaam in een diepe slaap.
“Wakker worden, opstaan!” riep een dolfijn luid.
“Het is een mooie dag om op reis te gaan!
We hebben een verrassing voor jullie!”
Sanne keek Alba verbaasd aan. “Een verrassing?”
Snel sprongen ze het water in en zwommen naar de groep van de Waterengelen.
“Wat is de verrassing?” vroeg Sanne aan één van de Waterengelen.
Deze keek haar lachend aan. “Dat ga ik je nu niet vertellen, maar ik kan je wel zeggen, dat daar waar wij verder zwemmen, de walvissen en dolfijnen terug zullen gaan. Luister, het gaat heel erg leuk worden, dat beloof ik je. Blijf dicht bij ons, we gaan zo vertrekken.”
Sanne was er stil van. Het was allemaal zo spannend.
Opeens kwam er beweging in de groep.
Iedereen nam zijn eigen positie in en het werd heel stil. De Waterengelen lagen op hun rug, alsof ze gingen slapen. De dolfijnen en walvissen lagen zij aan zij en lagen muisstil in het water.
Sanne ging ook op haar rug liggen en Alba lag naast haar. “En nu?” vroeg Alba zacht.
“Ik denk dat we net als gisteren stil moeten zijn zonder gedachten, dus laten we stil worden, voordat ze zonder ons vertrekken.”
Sanne en Alba werden stil, geen enkele gedachte kwam meer in hen op.
Toen alles en iedereen met elkaar verbonden was en de energie één werd, ging de reis van start.
De groep kwam in beweging en ze doken gezamenlijk onder water. Sanne en Alba waren zo sereen.
Ze keken hun ogen uit, zonder iets te zeggen.
Ze hoefden ook niets te zeggen, want er was geen denken aanwezig, alleen volledige alertheid.
Ze zwommen nog dieper de zee in en de meest prachtige kleuren kwamen hun tegemoet.
Toen ze bijna bij de zeebodem waren aangekomen, zwommen ze in formatie met de stroom mee.
Ze zagen koraalriffen in de prachtigste kleuren.
De binnenkant van de grote open rotsen was bekleed met glinsterende amethisten en kristallen.
De parels lagen voor het oprapen en Sanne en Alba keken hun ogen uit.
Alles was met elkaar verbonden, geen enkele steen, mineraal en geen enkel dier voelde anders aan.
Het was perfect.
De reis ging verder.
Ze zwommen door het heldere water langs prachtige rotspartijen, met daarin de kristallen die glinsterden in het zonlicht.
Ze zwommen via een tunnel onder de zeebodem door, waardoor ze in een ondergrondse ruimte kwamen die zeer helend was.
Er was weer lucht en iedereen kwam boven water.
Ze juichten, ze waren blij.
Een Water-Engel vertelde hun dat dit een zeer fijne plek is. “Hier is het water nog zuiverder.
De stenen houden het water schoon. Kijk maar eens naar de bodem.”
Sanne en Alba keken hun ogen uit.
Ze zagen gouden rotsen, ze zagen parels, ze zagen stenen die ze nog nooit gezien hadden.
Alles was zo ongelofelijk mooi.
“Dit is een hele speciale plek”, zei de Water-Engel, “deze plek zorgt ervoor dat wij schoon worden.
Het zuivert ons van alle gedachten en zuivert ons ook van de vermoeidheid van deze reis.
De plek zuivert ons lichaam door van het water te drinken.
Hierdoor zijn onze lichamen voorbereid om met het paringsritueel te kunnen beginnen.
Onze kinderen worden dan zuiver geboren en zullen dat ook blijven.”
“Dus jullie hebben straks geen herinneringen meer?” vroeg Sanne zachtjes. “Jawel. Wacht, ik zal een voorbeeld geven. Jullie schrijfster Jolanda schrijft heel veel.
Ze heeft al vele verhalen geschreven, maar toch zal ze uit alle verhalen de mooiste moeten kiezen.
Dus kiest ze welk verhaal ze wel en welk verhaal ze niet wil houden. Zo gaat dat ook bij ons.
Welke gedachten willen we wel en welke gedachten willen we niet houden.” Sanne knikte.
“Maar waarom gaan jullie helemaal hier naartoe? Kunnen jullie niet gewoon in zee schoon worden?” “Helaas niet”, zei de Water-Engel, “wij zijn Engelen en wij willen graag zuiver blijven.
Niet dat de zee minder zuiver is, maar het is anders.
Hier hangt een helende energie, de energie die hier hangt is erg hoog.
Hier willen wij onszelf reinigen om zo de liefde en energie over te kunnen brengen naar ons kind dat later geboren gaat worden.
Maar nu moet ik terug. We zullen hier nog even blijven en dan reizen we verder.
Na het volgende ondergrondse meer zullen de dolfijnen en de walvissen naar de oppervlakte zwemmen en gaan wij nog één meer verder. Daar is onze verrassing.”
De Water-Engel zwom terug.
“Raar eigenlijk hè”, zei Sanne, “dat dit paringsritueel zo zuiver mogelijk moet verlopen.”
Alba keek haar verschrikt aan.
“Volgens mij begrijp jij het nog niet helemaal.
Het zijn Engelen en zij hebben iets speciaals.
Weet je nog die Gouden-Engel in het Hemelrijk en dan de Hoge-Engelen waar jij bent geweest?
Wanneer zij gaan paren doen ze dat écht niet op een planeet waar iedereen gemeen en vol angst zit.
Dan zoek je toch het mooiste plekje uit om dat te bewerkstelligen?”
Sanne keek Alba verschrikt aan.
“Je hebt gelijk Alba, zo had ik het nog niet bekeken.
Kom, laten we van het water genieten.
Misschien zuivert het ook onze gedachten en dan stel ik misschien niet meer van die malle vragen”, zei Sanne lachend.
Naast elkaar gingen ze in het helende water liggen en deden hun ogen dicht.
Na ruim een half uur kwam de groep weer in beweging. “We gaan nu naar een ander ondergronds meer”, zei een walvis tegen hen.
“Dat ondergrondse meer is nog meer helend dan het meer waar we nu zijn.
Als we gelijk naar de hoogst helende wateren gaan, zouden we de druk niet aankunnen.
Dus daarom doen we dat in etappes.”
Sanne en Alba knikten. Ze hadden het begrepen. Langzaam kwam de groep weer in beweging.
Via een ondergrondse tunnel kwamen ze bij een ander ondergronds meer aan.
Ook hier weerkaatste het licht via de edelstenen in het water, waardoor dit verlicht werd met prachtige zachte pasteltinten.
Een gejuich weerklonk in de ondergrondse grot. Iedereen was blij. Sanne en Alba keken hun ogen uit.
Dit ondergrondse meer was wel tien keer mooier dan het vorige en het voelde zo heerlijk aan.
Een Water-Engel kwam blij naar hen toe gezwommen. “Ik zal je eerst uitleggen wat je hier straks te zien zal krijgen.
Iedereen heeft een liefdevolle energie in en om zich heen. Deze energie zal er straks voor zorgen dat de juiste paringspartner uitgekozen wordt.
Deze twee energieën zullen samengevoegd worden.
Dit is een heel speciaal moment.
Ik weet zeker dat je het niet kan geloven wat je straks zult zien. Niet iedereen doet hieraan mee.
De kleintjes en de oudere Waterengelen genieten van de helende werking van het water.
Ze kijken en genieten van het schouwspel wat straks te zien zal zijn.
Dit geldt voor zowel de dolfijnen als de walvissen.
Geniet van deze prachtige ervaring.”
En ze zwom weer terug naar de groep.
Langzaam kwamen de Waterengelen in beweging.
Ze gingen in een cirkel in het midden van het meer liggen met hun hoofdjes naar elkaar toe.
Daaromheen gingen de dolfijnen liggen met hun hoofd richting de Waterengelen.
De walvissen gingen rond de dolfijnen liggen.
Iedereen lag nu in zijn eigen formatie en Sanne en Alba wachtten vol spanning op wat er zou gaan gebeuren.
De Waterengelen begonnen te neuriën en de dolfijnen en walvissen zongen hun eigen lied.
Langzaam werd de energie hoger en hoger.
Alle geluiden waren op elkaar afgestemd.
Sanne en Alba zagen dat de kleuren in de grot veranderden. Ze werden feller van kleur.
Ook zagen ze dat de Engelen vanuit het Hiernamaals hier naartoe waren gekomen om naar de groep te kijken.
De Gouden-Engel keek Sanne lachend aan en knipoogde naar haar.
Sanne lachte terug en voelde een warmte door zich heen stromen. Wat was ze dankbaar.
Opeens werd de energie nog hoger en langzaam stegen eerst de walvissen op vanuit het water.
Ze zweefden door de ruimte en heel langzaam en subtiel vonden ze de juiste paringspartner.
Sanne en Alba keken verbaasd naar de walvissen die in de lucht zweefden.
Prachtige kleuren omringden hen en er was zoveel liefde om hen heen.
Langzaam daalden de walvissen terug in het water met hun partner aan hun zijde.
Nu waren de dolfijnen aan de beurt.
Net als bij de walvissen stegen ze op vanuit het water en vonden ze in deze prachtige ruimte hun partner.
Ook zij daalden terug naar beneden het helende water in. Nu waren de Waterengelen aan de beurt.
Ze neurieden nog steeds en dat klonk harder naarmate ze opstegen.
In een trance bewogen zij zich in de ruimte.
De kleuren werden nog feller en de energie werd nog hoger.
Zo nu en dan zagen Sanne en Alba lichtflitsen langs de rotswand schieten.
Sanne keek weer naar de Gouden-Engel die aan de kant stond. Hij keek haar aan en lachte weer vriendelijk. Opeens hoorde ze hem zeggen: “Maak je geen zorgen, de Waterengelen zijn hoger in rang, daarom is de energie nu ook hoger.
Geniet van wat je ziet. Het is iets van hier en niet van de wereld waaruit Jolanda nu schrijft.
Zij kijkt door jouw ogen, ze luistert door jouw oren en ze praat via jouw mond.” En de Gouden-Engel keek weer naar het schouwspel wat zich voor hem afspeelde.
Sanne was verbaasd.
Ze wilde hier later nog eens met de Gouden-Engel over praten. Ze keek weer naar de Waterengelen.
Deze waren aan het dansen in de lucht.
Ze zweefden door elkaar heen en dansten op het lied wat ze neurieden.
Opeens was daar het moment dat ze hun partner zouden vinden. Al dansend en draaiend stegen ze nog hoger de lucht in. De kleuren schoten alle kanten op, totdat alle Waterengelen hun partner hadden gevonden.
De kleuren kwamen bij elkaar en werden samen één kleur; eerst rood, toen blauw, daarna groen.
Als laatste kwam de kleur lila, die uiteindelijk in helder wit veranderde. Deze witte kleur werd groter en groter en sprong uit elkaar als een vuurpijl.
Iedereen was onder de indruk.
Langzaam daalden de Waterengelen terug in het helende water, om de rest van de maanden die kwamen, met hun paringspartner samen te zijn.
Het ritueel was beëindigd en iedereen begon te juichen. De Engelen verdwenen weer naar het Hiernamaals en één van de Waterengelen die niet mee had gedaan kwam naast Sanne en Alba zwemmen.
“Wij gaan zo dadelijk afscheid van de walvissen en dolfijnen nemen.
We gaan nog naar één ondergronds meer.
Het zal je zeker verrassen.” Sanne keek blij naar Alba.
“Wat zullen we daar te zien krijgen?”
Alba haalde zijn vleugels op en keek Sanne verwachtingsvol aan.
