*** De oude Eik ***

*** De oude eik***

 

Het was nog vroeg in de morgen toen een klein meisje wakker werd in haar bedje. Ze had die nacht gedroomd over Engelen. Rustig lag ze nog even na te denken over alles wat ze had gezien in haar droom. Het was een prachtige droom geweest.

Ze stapte sereen uit haar bedje en deed de pantoffels aan die ze elke avond voordat ze ging slapen netjes onder haar bed schoof. Daarna liep ze naar beneden.

Haar moeder had de ontbijttafel al gedekt en ze kon zo aanschuiven. Ze gaf haar moeder een goedemorgenkus en ging aan tafel zitten. Het was mooi weer vandaag, want de zon scheen door de ramen naar binnen.

“Heb je fijn geslapen, mijn kind?” vroeg moeder.

Het meisje keek naar haar moeder en knikte.

“Het was een fijne nacht, mama. Ik heb zo mooi gedroomd.”

Moeder glimlachte.

“Dat is fijn, kind. Daar ben ik blij om.”

Het meisje pakte een broodje en besmeerde het met honing. Dat vond ze het allerlekkerst op haar brood. Rustig nam ze een hap en ging in gedachten terug naar de droom die zo mooi was geweest.

Haar moeder glimlachte opnieuw. Ze kende haar dochter goed genoeg om te weten dat deze nacht bijzonder voor haar was geweest. Met een kop koffie ging ze naast haar zitten. Ook zij dacht terug aan de afgelopen nacht.

“Moeder?” vroeg het meisje opeens.

“Ja, mijn kind, wat is er?”

“Mag ik vandaag naar buiten?”

“Ja hoor,” zei moeder. “Geniet maar van het mooie weer vandaag. Ik ben gewoon thuis, dus als je mij zoekt, ben ik hier.”

Het meisje knikte en gaf haar moeder een zoen.

Toen ze klaar was met eten, stond ze op van tafel. Na het aankleden liep ze naar de keuken, pakte nog een appel uit de fruitschaal en ging naar buiten.

Ze was van plan om vandaag naar het bos te gaan. Het bos was een plek waar zij graag kwam en waar het altijd heerlijk rustig was.

Na een tijdje kwam ze aan bij de rand van het bos en keek naar alle grote bomen die daar stonden.

“Wat zien jullie er vandaag goed uit,” zei ze tegen de bomen. “Zo mooi groen en zo vol liefde.”

De bomen begonnen met hun bladeren te ritselen en zeiden allemaal in koor:

“Wij zijn inderdaad blij. Wij zijn blij dat wij jou weer zien, mijn kind. Jij bent ons zonnestraaltje en wij kijken er altijd naar uit als jij weer langskomt.”

Het meisje kreeg een glimlach op haar gezicht.

Deze bomen waren de beste vrienden die ze hier had. De bomen luisterden naar haar als ze haar verhaal kwijt wilde en de oudste boom gaf haar dan antwoord terug.

Dat was de wijze oude eik.

“Ik heb weer een verhaal,” zei het meisje. “Dit keer is het een verhaal over wat ik deze nacht heb gedroomd.”

De oude eik begon met zijn bladeren te ritselen en het meisje begreep wat hij tegen haar zei.

Het meisje begon te lachen.

“Ja, het was een heel mooie droom.”

Ze ging op de stronk zitten van een boom die was overgegaan naar een andere wereld. Het meisje begon te vertellen over alles wat ze tijdens haar droom had beleefd.

De bomen luisterden aandachtig en begonnen met hun bladeren te ritselen toen het meisje haar verhaal had verteld.

De grote eik bleef zachtjes ritselen en vertelde het meisje wat de droom betekende.

“De Engelen in jouw droom zijn er voor jou om je te beschermen, want jij bent een bijzonder meisje. Ze zijn altijd bij jou.”

Het meisje was blij met wat de oude eik haar vertelde.

Ze was eenzaam in dit leven. Ze had nog geen vrienden gemaakt in het dorp waar ze was geboren. Waaraan dat lag wist ze niet. Ze deed genoeg haar best. Het leek wel alsof ze haar vreemd vonden.

“Maak je geen zorgen,” zei de eik, die haar gedachten had gehoord. “Op een dag zul je de juiste vrienden krijgen die jou begrijpen en van je zullen houden. Maar je moet geduld hebben en vertrouwen op de Engelen die om je heen zijn.

Vergeet nooit dat zij jouw echte vrienden zijn. Zij zullen jou nooit, maar dan ook nooit, in de steek laten.

En ook wij zijn jouw vrienden. Jij komt bij ons omdat je hier liefde en rust vindt. Vertrouw daarop.”

Het meisje droogde de tranen die over haar wangen waren gelopen bij het horen van de mooie woorden van de oude eik.

“Ik hou van jullie, zo veel!”

“En wij houden van jou, mijn kind. Heel veel!”

Ze omhelsde de oude eik en bedankte hem voor zijn wijze woorden.

Daarna zwaaide ze naar de andere bomen, die met een zacht ritselend geluid afscheid van haar namen.

Thuis was haar moeder.

Ze gaf haar een kus en vertelde wat de oude eik haar had verteld.

Moeder kreeg tranen in haar ogen. Het was heerlijk om te horen dat haar dochter de mooie woorden van de oude eik begreep.

Want ook moeder wist dat de oude eik een wijze boom was.

Hij had haar ook vaak geholpen.