Een man stond naast zijn Engel en keek neer op de blauwdruk van zijn leven.
Niet slechts één leven lag voor hem open, maar al zijn levens tegelijk.
Als lichtende lagen schoven ze over elkaar heen.
Hij kon ze allemaal inzien.
Levens in verre landen, op andere continenten, in andere tijden.
En toch waren ze met elkaar verbonden, als draden in één groot weefwerk.
Hij zag wat hij had gedaan in zijn vorige levens.
Wat hij had geleerd…
En ook wat hij nog had laten liggen.
Hij zag de pijn die hij had gekend.
De angst die hij had doorstaan.
Maar ook de liefde die hij had gegeven en ontvangen.
Voor het eerst had hij volledig overzicht over zijn eigen zielenbestaan.
Het ontroerde hem.
Langzaam begonnen de blauwdrukken van elkaar weg te schuiven, alsof een onzichtbare hand ze ordende.
Uiteindelijk bleef er één over.
Het leven dat nú voor hem lag.
Het leven dat op dit moment het belangrijkst was.
Hij keek aandachtig.
Hij zag de lessen die hij in dit leven mocht meenemen.
De ontmoetingen die betekenis droegen.
De keuzes die nog voor hem lagen.
De man zuchtte diep.
"Als alle mensen toch eens konden zien hoe ver ze al zijn in hun zielenreis…" fluisterde hij zacht.
"Dan zou de wereld er zoveel mooier uitzien."
De Engel glimlachte liefdevol, zonder oordeel.
Nog één keer liet de man zijn blik over de blauwdruk glijden.
Toen hief de Engel haar hand op en loste het lichtende ontwerp langzaam op in de ruimte.
Het verdween.
Maar niet uit hem.
De man wist wat hem te doen stond.
Met een gevoel van rust en helderheid keek hij de Engel dankbaar aan.
Er werden geen woorden gesproken.
Die waren niet nodig.
Want hij had het begrepen.
